Snoek op handen via snoek op voeten

Vorm:
Niveau:
Aantal personen:
Positie van de boven:
Positie van de onder:

B ligt in snoek op de voeten van O

O buigt zijn benen en brengt het zwaartepunt van B boven zijn schouders. B moet ontspannen en recht kunnen blijven liggen. O kan dit met de stand van zijn voeten (flexen of spietsen) bepalen. O laat B niet verder zakken dan nodig is om met zijn handen de plaats van zijn voeten over te nemen. O houdt zijn armen gestrekt. O draait zijn tenen naar buiten en neemt die plaats onmiddellijk met zijn vingers over. B pakt de polsen van O en gebruikt deze om zijn evenwicht te bewaren door er op te steunen als dat nodig is. O draait zijn voeten verder naar buiten en neemt met zijn handen de steun van de voeten over. B ligt nu alleen nog op de handen van O. De plaatsing van de handen is als volgt: de palmen zijn op het heupbot geplaatst en enkele vingers wijzen naar binnen over de onderbuik van B, zodat O meer steun kan geven.

Omdat handen vaak kleiner zijn dan voeten plaatst O zijn handen meestal te hoog. Dit maakt het voor B lastig om ontspannen te kunnen liggen. In dat geval kan B de polsen van O loslaten en zijn armen zijwaarts brengen om het zwaartepunt te verschuiven.

Snoek op handen via snoek op voeten Snoek op handen via snoek op voeten Snoek op handen via snoek op voeten
source: 
Uit 'Akrobatiek' van Gerard en Benny Huisman